Verlofregeling
Verlofregeling
In verband met de verscherpte regelgeving met betrekking tot verlof buiten de reguliere schoolvakanties en de controle daarop, vragen wij u de richtlijnen voor dit extra verlof goed door te lezen. Er worden de laatste tijd steeds meer aanvragen gedaan die niet gehonoreerd kunnen worden, eenvoudigweg omdat ze niet voldoen aan de richtlijnen. Het staat de schooldirectie niet vrij af te wijken van de Leerplichtwet, behalve in uitzonderlijke gevallen.
Kan mijn kind vrij krijgen buiten de schoolvakanties?
Richtlijnen voor verlof buiten de schoolvakanties;
1. Vakantieverlof (art.13a/art. 11 onder f:)
Een verzoek om vakantieverlof op grond van artikel 13a van de Leerplichtwet 1969 dient minimaal acht weken van tevoren bij de directeur van de school te worden ingediend. De directeur beslist over het verzoek.
Verlof wordt slechts verleend indien:
- wegens de specifieke aard van het beroep van één van de ouders het slechts mogelijk is buiten de schoolvakanties op vakantie te gaan en
- een werkgeversverklaring wordt overgelegd waaruit blijkt dat geen verlof binnen de vastgestelde schoolvakanties mogelijk is.
Vakantieverlof mag, binnen deze voorwaarden:
- éénmaal per schooljaar worden verleend en
- niet langer duren dan tien schooldagen. De wetgever heeft als standpunt dat een gezin in ieder schooljaar recht heeft op een gezamenlijke vakantie van twee weken en niet plaatsvinden in de eerste twee lesweken van het schooljaar en als het de enige vakantie van de ouder(s)/verzorger(s) en het kind/de kinderen gezamenlijk in dat schooljaar betreft.
2. Andere gewichtige omstandigheden: tien schooldagen per schooljaar of minder
(art.14/art. 11 onder g.) Een verzoek om extra verlof in geval van andere gewichtige omstandigheden voor tien schooldagen per schooljaar of minder dient vooraf of uiterlijk binnen twee dagen na ontstaan van de verhindering aan de directeur/rector van de school te worden voorgelegd. Deze beslist over het verzoek. Voor ‘andere’ gewichtige omstandigheden gelden de volgende richtlijnen:
- Voor verhuizing: maximaal 1 schooldag;
- Voor het voldoen aan wettelijke verplichtingen, voor zover dit niet buiten de lesuren kan geschieden: geen maximale termijn;
- Voor het bijwonen van het huwelijk van bloed- of aanverwant tot en met de 3e graad;
- in Nederland maximaal 1-2 schooldagen (binnen de regio 1 dag, buiten de regio 2 dagen) in het buitenland maximaal 5 schooldagen;
- Bij ernstige levensbedreigende ziekte zonder uitzicht op herstel van bloed- of aanverwant tot en met de 3e graad: geen maximale termijn;
- Bij overlijden van bloed- of aanverwant;
- in de 1e graad maximaal 5 schooldagen
- in de 2e graad maximaal 2 schooldagen
- in de 3e en 4e graad maximaal 1 schooldag
- in het buitenland: 1e tot en met 4e graad maximaal 5 schooldagen;
- Bij 25, 40 of 50 jarig ambtsjubileum en het 12 1/2, 25, 40, 50 en 60 jarig huwelijksjubileum van ouder(s)/verzorger(s) of grootouders; maximaal 1 schooldag;
Voor andere naar het oordeel van de directeur/leerplichtambtenaar gewichtige omstandigheden, maar geen vakantieverlof; geen maximale termijn vastgesteld.
3. Andere gewichtige omstandigheden: meer dan tien schooldagen per schooljaar (art.14/art.11 onder g.)
Een verzoek om extra verlof in geval van andere gewichtige omstandigheden voor meer dan tien schooldagen per schooljaar dient minimaal zes weken van tevoren, via de directeur van de school, aan de leerplichtambtenaar van de woongemeente van de leerling te worden voorgelegd. De leerplichtambtenaar beslist over het verzoek (op grond van art. 14, lid 3 van de Leerplichtwet 1969).
Verlof kan bijvoorbeeld worden verleend indien:
De ouders van de leerling een verklaring van een arts of een maatschappelijk werk(st)er kunnen overleggen waaruit blijkt dat verlof noodzakelijk is op grond van medische of sociale omstandigheden van (één van) de gezinsleden. Bepalend toetsingscriterium voor ‘gewichtige omstandigheden’ is met name of de omstandigheden buiten de wil om van de leerplichtige of zijn/haar ouders zijn gelegen.